Weer een miljoenenfraude met pgb’s. Dit keer in Utrecht, waar twee broers vastzitten op verdenking van valsheid in geschriften, witwassen en oplichting. Indicaties zijn onterecht verleend, zorg amper geleverd en de ‘zorgbehoevenden’ zaten mee in het complot. Al vele jaren verdwijnen vele miljoenen aan pgb-geld in verkeerde zakken. Wat moet er gebeuren om dit te voorkomen? Oplossing 1: het creëren van een hoger fraudebewustzijn bij medewerkers van gemeenten dankzij fraudetraining van de ToetsPraktijk.

In totaal is tachtig procent van de zes miljoen euro bij het fraudegeval in Utrecht niet aan zorg besteed. Jarenlang heeft dit aangesleept, terwijl het zorggeld noch doelmatig, noch rechtmatig werd gespendeerd. De zorgaanbieder leverde zogenaamde zorg. De cliënten ontvingen zogenaamd zorg. En niemand had iets door. Een hoger fraudebewustzijn bij gemeenteambtenaren helpt bij het herkennen van signalen van fraude en onrechtmatigheden. In een prematuur stadium, maar ook zeker als de fraude al jaren aan de gang is. Het is een kwestie van kennis van fraude, waakzaamheid en logisch nadenken.

Het begint al bij het allereerste gesprek met de zorgaanbieder of zorgaanvrager.

Wie heb je voor je? Is deze persoon in het verleden al vaker in de fout gegaan? Zijn alle documenten op orde en ingevuld door diegene die het moet invullen? Is de aanvrager geschikt om überhaupt over een pgb te beschikken? Zijn de facturen authentiek? Vaak kunnen een aantal belletjes uitsluitsel bieden of iemand de gemeente probeert te bedonderen. Hoe meer signalen, hoe sterker het dossier, hoe groter de kans dat fraudeurs door de mand vallen. De gemeenteambtenaar is echter een cruciale schakel in de voorkoming van fraude.

Je merkt dat er iets niet klopt, maar je weet niet wat. Hoe onderbouw je een niet-pluisgevoel?

Je merkt dat er iets niet klopt, maar je weet niet wat. En zeker niet hoe je dat moet opbrengen, laat staan onderbouwen. Je twijfelt of het klopt, maar wil de cliënt in kwestie niet beledigen, want misschien ligt de fout wel niet bij de cliënt. Hoe onderbouw je een niet-pluisgevoel? Wat te doen als iemand aantoonbaar de waarheid probeert achter te houden of niet consistent is in zijn uitspraken of ingevulde gegevens? Deze en nog veel meer vragen vooraf versterken de poortwachter functie van de gemeenten in de strijd tegen fraude met ons zorggeld.

Als je hebt gefraudeerd als zorgverlener, dan kun je gewoon weer een nieuw zorgbedrijfje opzetten en met dezelfde malafide activiteiten als voorheen doorgaan.

Gemeenten, zorgkantoren en zorgverzekeraars steken enorm veel energie in het uitwisselen van gegevens en opsporen van fraude, maar er zijn nauwelijks toelatingsregels voor zorgaanbieders. Een ‘verklaring omtrent het gedrag’ voor al die werknemers van die bedrijven, zou een goed begin zijn. Evenals zogenaamde cliënten, die onderzoeken of een zorgaanbieder gevoelig is voor fraude. Het is tijd dat we de strijd tegen fraude opvoeren, vanuit alle niveaus. De ToetsPraktijk probeert haar steentje bij te dragen met de fraudetraining.

Is er bij uw gemeente ook nood aan een hoger fraudebewustzijn?