Accountants zijn steeds scherper op uitgaven van de Wmo en Jeugdwet. Gemeenten dienen hun verantwoordelijkheid te nemen in het controleren of de zorg en ondersteuning goed is besteed. De ToetsPraktijk ging in gesprek met de grotere accountantskantoren in Nederland die controles uitvoeren in het sociaal domein.

Het is inmiddels bijna drie jaar geleden sinds de decentralisaties van de zorg plaatsvonden. De eerste twee jaar waren accountants door nieuwigheid van de werkzaamheden coulant in de controle van gemeentelijke uitgaven. In gesprek met een van de accountantskantoren werden er drie controlevarianten voor gemeenten behandeld.

Afwachtende variant

De eerste variant is wanneer je als gemeente steunt op de controleverklaring van de SVB, en de zorgverleners als het gaat om Zorg in Natura (ZIN). Dit is een passieve methode waarmee de gemeente geen grip heeft op de situatie. Daarbij lopen gemeenten het risico dat de controleverklaringen te laat of helemaal niet worden verkregen, waardoor deze niet worden meegenomen in de verantwoording.

Afrekenmethode

De tweede methode is de afrekenvariant. Dit houdt in dat de gemeente samen met de zorginstelling naar de totale kosten kijkt en overeenkomt of dit kloppend is. Deze variant wordt voornamelijk gebruikt bij de grotere ZIN-aanbieders. In het pgb-landschap heeft een gemeente echter te maken met een veelvoud aan zorgaanbieders, waardoor het een enorme administratieve last is om de afrekenvariant voor de pgb-aanbieders toe te passen.

Waarneming ter plaatse

Voor het vaststellen van de prestatielevering binnen het pgb is de derde variant het meest geschikt. Deze variant geeft de meeste zekerheid voor gemeenten. Bij deze methode stelt de gemeente zelf de prestaties vast in de interne beheersing. Voor controle van zorg geleverd vanuit natura kan dit met een deelwaarneming bij de zorginstelling. Dit is een indirecte wijze waarbij de prestatielevering wordt vastgesteld. Voor cliënten met een pgb is een directe wijze op de toetsing van de prestatielevering beter. Hiervoor volstaat een steekproef, gebaseerd op het totaalaantal cliënten en de totale pgb-uitgaven.

Controlemethodiek afgestemd

De ToetsPraktijk is in gesprek gegaan met accountants om de controlemethodiek af te stemmen. “Het is belangrijk dat het onderzoek dat wij uitvoeren ook wordt erkend door de accountants van de gemeenten”, vertelt Lucas Lemmens, accountmanager gemeenten bij de ToetsPraktijk. “Wij bespreken voorafgaand aan het onderzoek ons toetsingskader met de accountant. De gemeente stemt met de accountant de omvang van de steekproef af en wij overleggen op onze beurt met de gemeente hoe we het onderzoek op een klantvriendelijke manier uit gaan voeren. Zo is er een mooie driehoeksrelatie tussen de gemeente, de accountant en de ToetsPraktijk als onafhankelijk expert.”

Verkleinen van de onzekerheden

Door de afstemming met de accountant kan het onderzoek ook daadwerkelijk worden meegenomen door de accountant in de controle van de gemeentelijke uitgaven. Dit leidt ertoe dat onzekerheden omtrent het pgb in grote mate worden weggenomen. Voor gemeenten betekent dit een verhoogde kans op een goedgekeurde jaarrekening. Ook voldoen zij met deze controle aan de maatschappelijke plicht om gemeenschapsgeld op de juiste manier te besteden. Als laatste voorkomt de gemeente dat het geld in verkeerde handen terechtkomt.

Onafhankelijke expert ondersteunt gemeenten

Wenst uw gemeente een gefundeerd en objectief antwoord op de prestatielevering te ontvangen? Of verkrijgt u hier graag meer informatie over? Wij gaan graag vrijblijvend met u in gesprek. Stuurt u hiervoor een e-mail naar info@toetspraktijk.nl of bel naar 085-210 57 00.