Gemeenten weigeren zorgbehoevenden in een beperkt aantal gevallen een persoonsgebonden budget (pgb). Er wordt geen anti-pgb beleid gevoerd. Een aantal gemeenten sluit wel bepaalde zorgvormen uit van een pgb, zoals dagbesteding.

Te weinig contracten
Veel gemeenten zien de aanvraag voor een pgb als een signaal dat ze te weinig verschillende zorgaanbieders en –soorten hebben gecontracteerd. Vaak worden zorgaanbieders het jaar daarop alsnog gecontracteerd. Verder worstelen gemeenten met de mogelijkheden een pgb te weigeren als er sprake is van een ‘niet-pluis-gevoel’. Dat blijkt uit onderzoek in tien gemeenten naar weigergronden pgb in de Wmo 2015 en de Jeugdwet. Het onderzoek is in opdracht van het ministerie van VWS uitgevoerd. In kaart moest worden gebracht hoe vaak gemeenten een pgb weigeren en waarom ze dat doen.

Neutrale houding
Harde cijfers over het aantal geweigerde pgb’s hebben de onderzoekers niet boven tafel gekregen. Acht van de tien onderzochte gemeenten houden dit niet bij. Uit interviews met medewerkers van de onderzochte gemeenten komt naar voren dat gemeenten een ‘neutrale’ houding hebben ten aanzien van pgb’s en slechts in een beperkt aantal gevallen een pgb weigeren. Daarvoor hanteren gemeenten, naast de wettelijke, eigen uitsluitingsgronden.

Minder zorg
In veel gemeenten wordt cliënten geadviseerd geen pgb-aanvraag in te dienen als de potentiële pgb-houder een aanbieder wil inhuren, waarmee de gemeente een contract heeft. Argument daarbij is dat een pgb in zo’n geval leidt tot meer administratieve lasten. Ook kan het nadelig voor de cliënt uitpakken, omdat gemeenten soms iets lagere tarieven voor pgb’s hanteren ten opzichte van zorg in natura. Voor de zorgbehoevende bestaat dan het risico dat zij minder zorg kunnen inkopen dan in het geval zij zorg in natura zouden ontvangen. Enkele gemeenten geven daarnaast aan dat de kwaliteit van de zorg beter is geborgd bij zorg in natura.

Meerwaarde pgb verdampt
Den Haag, Amersfoort en Goeree Overflakkee hanteren eigen, aanvullende uitsluitingsgronden, zo blijkt uit het onderzoek. Zo stelt Den Haag als eis dat een cliënt niet van plan mag zijn om het pgb (uitsluitend) te gebruiken voor het inkopen van zorg bij een zorgaanbieder waarmee de gemeenten een contract of subsidierelatie heeft. Den Haag stelt dat een belangrijke meerwaarde van een pgb is dat de cliënt naar eigen inzicht de zorg kan inkopen naar zijn behoefte, maar dat die meerwaarde er niet is als reeds gecontracteerde aanbieders met het pgb worden ingeschakeld. In Amersfoort is het nauwelijks mogelijk een pgb te krijgen voor dagbesteding en beschermd wonen; in Goeree-Overflakkee geldt dit voor vervoer.

Moeilijke toegang
De beeldvorming dat gemeentenbeleid voeren om zo min mogelijk pgb’s toe te kennen, strookt niet met de praktijk, concluderen de onderzoekers. ‘De beeldvorming over geweigerde pgb’s en het moeilijk toegang krijgen tot een pgb is waarschijnlijk veroorzaakt door strengere indicatiestelling bij maatwerkvoorziening door gemeenten (in vergelijking met het CIZ)’, aldus de onderzoekers. Daarnaast voeren gemeentenbeleid om een verschuiving te realiseren van maatwerkvoorzieningen naar algemene voorzieningen. ‘In de praktijk betekent het dat cliënten minder snel recht hebben op een maatwerkvoorziening.’ Alleen bij een indicatie voor een maatwerkvoorziening kan een pgb worden aangevraagd. ‘Bij deze cliënten kan het gevoel ontstaan dat hen een pgb wordt geweigerd.

Bron: Koster, Y. de (28-09-2016). Geen sprake van anti-pgb beleid. In: binnenlands bestuur. http://www.binnenlandsbestuur.nl/sociaal/nieuws/geen-sprake-van-anti-pgb-beleid-door-gemeenten.